boosopdelucht

boosopdelucht

GRATEKUT

6 september 2010 - 08:33 uur

Het immer goed harmoniërende maar inmiddels flink verweerde zangduo Saskia en Serge zong het ruim dertig jaar geleden al: het zijn de kleine dingen die het doen. En die dagelijkse kleine dingen zijn er zowel in positieve als in negatieve zin.

Begin vorige week vond ik op weg naar mijn werk een briefje van vijf euro. Half gevouwen en verfrommeld midden op het zebrapad. Deze dag begint dan ook verrassend plezierig door deze financiële meevaller en gelijk schieten er een keur aan bestedingsmogelijkheden door mijn hoofd over wat te doen met de net ontdekte, geldelijke vondst. Gezien de hoogte van het bedrag is de investeringskeuze nogal beperkt, maar het blijft hoe dan ook een geluksbiljet. Is dit toeval of een teken van boven? Is dit de vijf euro die ik moet besteden aan twee krasloten waardoor ik beslist minimaal een miljoen win? Moet ik mijn familie laten delen in het geluk en verdwijnt het briefje in de spaarpot van mijn dochtertje? Of open ik een spaarrekening en kijk hoe deze vijf euro in de komende vijfentwintig jaar uitgroeit tot een tegenvallend vermogen? Ik heb nog geen keuze durven maken. Het waardepapiertje zit nog veilig in mijn poeplap en zal straks beslist onbewust worden besteed in de bedrijfskantine of aan een vette bek veroorzaakt door een grote friet mayo en een berelul speciaal. Hoe dan ook, deze dag is in ieder geval goed begonnen en met deze positieve overpeinzing vervolg ik mijn weg op de voetgangersoversteekplaats.

Op een zebrapad durf ik normaliter wel met een zekere vastberadenheid, zonder het als klein kind zorgvuldig aangeleerde links rechts en nog eens links kijken, over te steken. Ook wanneer ik vermoed dat de aankomende auto’s niet meteen de intentie hebben ook daadwerkelijk te stoppen, loop ik meestal zelfverzekerd de straat op. It’s livin’ on the edge, maar gun mij ook af en toe mijn kleine dosis opwinding. Na vandaag bedenk ik me echter twee keer voordat ik zelfverzekerd de eerst stap op de witte strepen zet en blijkt de verkeerswijheid ‘voorrang neem je niet, voorrang krijg je’ toch niet geheel uit de heldere blauwe morgenlucht gegrepen.

Ik zie haar al van verre aankomen fietsen op haar, met plastic bloemetjes versierde, HEMA-omafiets: de arrogante Paris-Hilton-look-a-like. Zo’n sexloze weegschaalfetischiste die zich met een niet te knagen rauwkostsalade en een flesje water dagelijks een verplicht rantsoen oplegt om een lijfje te houden waarbij de voor- en achterkant qua lichaamsbouw identiek zijn. Een vormloos gestel waarbij alleen haar arrogante smoelwerk het herkenningspunt is om te weten tegen welke kant je moet praten. Een nog-te-stom-om-te-poepen-verschijning die, hoe meer ze mij nadert, steeds meer lijkt te accelereren. Begrijpelijk! De tegenwind krijgt immers geen vat op haar splinterlichaam en kan onmogelijk spelbreker zijn in haar inmiddels opgelopen, voor de binnenstad onverantwoordelijke fietssnelheid. Ik houd haar nauwlettend in de gaten terwijl ze nu toch echt beangstigend dichtbij komt. Ik mag toch hopen dat haar fiets recent een goede onderhoudsbeurt heeft gehad en ze haar ouderwetse terugtraprem per direct gaat gebruiken.

Wanneer ik driekwart van het zebrapad achter me heb gelaten en nog slechts twee witte strepen van de overkant ben verwijderd, flits ze echter met een arrogante uit-de-weg-want-je-denk-toch-niet-dat-ik-voor-jou-ga-stoppen-oogopslag tussen de wèl wachtende auto’s door, rakelings voor mij langs. Ik voel de fietsbandjes nog net niet over de punten van mijn schoenen, maar de met hockeyspullen volgepropte Kitsch-Kitchen-fietstas schamt mijn knieën. Ik voel haar lichaamswarmte langs me gaan en de Oilily-eau-de-Toilette kringelt richting mijn neus. Zonder blikken of blozen trapt ze dapper door, zich schijnbaar van geen kwaad bewust. Haar zelfingenomen smikkel fier in lucht, zonder één keer achterom kijken of enige verontschuldiging. De automobilist die mij wel ruim van te voren de zekerheid gaf zonder enig risico over te steken, zie ik met een duidelijk ongeloof het onverantwoorde gedrag van het studentje gadeslaan.

Van schrik doe ik nog net niet in mijn broek, maar mijn ontsteltenis is er niet minder om. Het scala aan verwensingen dat in mijn hoofd de revue passeert, is te erg om hier op te schrijven. Aan de binnenkant van mijn ogen maak ik haar uit voor gratekut en stinkend hondehijgsel. Achteraf gezien had ik het liefst haar hockeystick tussen de spaken van haar achterwiel willen zetten en werden alle voorbijgangers, zo vroeg in de morgen al, getrakteerd op een spectaculair acrobatische straatact waar een goed getrainde Cirque-du-Soleil-artieste jaloers op zou zijn. Ik had er beslist geld voor over gehad wanneer ze bij het noodgedwongen uitwijken met haar stalen rosje een enorme glijder over het asfalt had gemaakt waarbij haar blote, geladyshavede beentjes lichtelijke averij zouden oplopen.

Dat zou nog eens een rechtvaardige besteding van mijn gevonden kapitaal zijn. Nog bijkomend van de consternatie wens ik haar alle ziektes van de wereld toe en loop geïrriteerd verder.

dotline_470x1
2.258 views | reageren | 2 reacties | print | bloglink | e-mail | delen
categorie: op straat | terug naar boven

2 reacties op deze blog:

    Pieter - 6 september 2010, 10:06 uur

    Goh, dat zou (gezien de beschrijving) mijn vriendin geweest kunnen zijn. Sprekend!



    Dionne - 6 september 2010, 15:59 uur

    Geweldig!!





reageer ook op deze blog




* verplichte velden

footer line


home | reageer@boosopdelucht.nl | RSS-blogs | inlog | sitemap | google analytics | disclaimer
Deze weblog wordt bijeengehouden door WordPress 2.8.4. Sohosted dient als gastheer.
© 2017 boosopdelucht.nl